De wisseltruc

De rijders rijden in tweetallen (naast elkaar) rondjes. Op aangeven van de trainer neemt een van de rijders (al rijdende, zonder tempo te verlagen) een sleutel aan waarmee in de hieropvolgende ronde één wiel dient te worden losgedraaid en daarna (met sleutel) te worden ingeleverd bij de trainer. De meerijder zorgt ervoor dat het tempo niet te veel zakt.

In de hieropvolgende ronde rijdt de rijder op zeven wielen, hierna neemt hij weer wiel en sleutel aan en draait dit weer vast in de opvolgende ronde.

Let op: deze oefening kan alleen veilig worden uitgevoerd door zeer geoefende rijders.

 

 

Reageer